COVID-19: NZa-beleidsregel en 5 dingen die je nu al kan doen

Joice Baten
Beleidsregel COVID-19

COVID-19 verspreidt zich in rap tempo. In Nederland wordt keihard gewerkt om de zorg en het land te organiseren. Bij gzicht werken we allemaal thuis, om verdere verspreiding en overbelasting van de zorg te voorkomen. Het is fantastisch om te zien hoe zorginstellingen zich inzetten om de continuïteit van zorg te waarborgen en dit alle prioriteit geven. Tegelijkertijd heeft het virus een financiële impact, ook in de zorg. De Nederlandse Zorg autoriteit (NZa) kondigde een nieuwe beleidsregel aan voor de bekostiging van extra gemaakt zorgkosten als gevolg van COVID-19. Deze wordt in juli 2020 verwacht.

Wij hebben uitgezocht wat dit mogelijk voor een zorgaanbieder betekent. In deze blog delen we onze inzichten. En 5 dingen die je nu al kan doen om de financiële continuïteit van jouw zorgorganisatie te waarborgen.

NZa-beleidsregel: wat moet je weten?

Niet alleen de ziekenhuizen worden getroffen door de Coronacrisis, het heeft impact op de hele sector. De aangekondigde beleidsregel betreft de Wet Langdurige Zorg (WLZ). NZa geeft aan dat de beleidsregel vergelijkbaar wordt met de bestaande BRMO-beleidsregel. BRMO staat voor: Bijzonder Resistente Micro-organismen. Een BRMO-uitbraak brengt voor een WLZ-instelling extra kosten met zich mee, maar de zorgmaatregelen bij een BRMO-uitbraak verschillen op een aantal punten van het Coronavirus.

Hoe werkt de beleidsregel?

De extra kosten worden in de procedure van de BRMO-regeling verhaald op basis van nacalculatie. Deze nacalculatie wordt doorgaans in de zomer van het opvolgende jaar pas definitief. Dit betekent dat vergoeding zo’n anderhalf jaar later pas op de bankrekening te zien zal zijn. Zorginstellingen die acute liquiditeitsproblemen krijgen of al hebben, zijn hier dus niet mee gered.

BRMO-regel: wat wordt (niet) bekostigd?

Binnen de BRMO-regeling worden bepaalde kosten gedekt die zijn gerelateerd aan de uitbraak. Zoals:

  • Contactonderzoek onder cliënten, personeel en de cliëntomgeving
  • Kosten van personeel en materiaal voor ‘eindreiniging’ en ‘einddesinfectie’
  • Kosten als gevolg van verplichte sluiting.

De vergoeding van een verplichte sluiting wordt bepaald op basis van de leegstand als gevolg van BRMO. Hiervoor mag de zorgaanbieder naast het declareren van maximaal 13 mutatiedagen na overlijden, de resterende dagen declareren dat de kamer leeg heeft gestaan. Ook voor de extra dagen geldt het maximale tarief voor een ‘mutatiedag’ inclusief behandeling.

Een ‘normale’ BRMO-uitbraak verschilt in een aantal essentiële aspecten van de Corona-uitbraak. Juist de aspecten die in de Corona-pandemie de meeste kosten met zich mee brengen. Het verschil wordt onder andere veroorzaakt doordat Corona een landelijk en geen lokaal probleem is. En door de noodzakelijke preventieve maatregelen die daarvoor worden getroffen. Wat ons betreft missen ten minste de volgende 3 aspecten in de bekostiging van de beleidsregel:

  • Kosten voor preventieve maatregelen
  • Verlies van productie door leegstand om capaciteit beschikbaar te houden
  • Kosten voor de inzet van vervangend personeel.

Deze kosten worden ook genoemd in de brandbrief van Actiz aan de minister op 16 maart2. Actiz vraagt in haar brief meer financiële zekerheid te bieden door concrete toezeggingen. De berichten over (financiële) maatregelen volgen elkaar op in snel tempo. Zo heeft NZa de vraag over de vergoeding van preventieve maatregelen als aanvulling op de genoemde kosten in de BRMO-regel opgenomen op haar ‘vraag en antwoord pagina’. Het antwoord geeft nog geen duidelijkheid.

Wat zeggen de zorgkantoren en zorgverzekeraars?

De NZa zal nieuwe beleidsregels vaststellen om te bepalen welke extra kosten door de Coronacrisis worden vergoed. Het is aan de zorgkantoren en zorgverzekeraars om deze uit te voeren. Zorgverzekeraars Nederland heeft op 17 maart kenbaar gemaakt zich in te zetten voor het financieel gezond houden van zorginstellingen. Ook dit biedt nog geen zekerheid, maar zij noemen een aantal belangrijke uitgangspunten. Zij zoeken naar passende oplossingen voor;

  • de gevolgen van onderbenutting van capaciteit of verschuivingen binnen het zorgaanbod
  • het vergoeden van de extra kosten die gemaakt worden
  • het voorzien in de benodigde liquiditeit van instellingen.

Wat kunnen we nu al doen?

Het lijkt erop dat de NZa met de aangekondigde beleidsregel ruimte wil creëren. Om de kwetsbare ouderen ook buiten het ziekenhuis te kunnen houden. Dat zal bijvoorbeeld een soepeler beleid op ELV-bedden vragen. Ouderenzorginstellingen zijn al bezig om capaciteit vrij te houden. Dit heeft niet alleen effect op de kosten, maar ook op de inkomsten.

Wij denken dat deze situatie om meer vraagt dan alleen het dekken van kosten op basis van nacalculatie. En daar kan een zorginstelling zelf het initiatief in nemen.

  1. Ga in gesprek met je zorgkantoor en zorgverzekeraars
  2. Houd bij welke extra kosten jouw instelling maakt als gevolg van COVID-19
  3. Houd bij welke inkomsten je misloopt als gevolg van COVID-19
  4. Houd goed zicht op de liquide middelen om een tekort te voorzien
  5. Treed tijdig in contact met financiers om een liquiditeitstekort te voorkomen.

Wil je hier meer over weten? Wij denken graag met je mee. Bel Joice Baten om te bespreken waar jij tegenaan loopt. 

Bronnen

https://www.rivm.nl/brmo

https://www.nza.nl/actueel/nieuws/2020/03/13/nza-past-regelgeving-aan-vanwege-Coronavirus

https://puc.overheid.nl/nza/doc/PUC_278332_22/1/

https://www.actiz.nl/nieuws/actiz-en-zorgthuisnl-doen-beroep-op-minister-en-stelselpartijen

https://zn.nl/actueel/nieuws/nieuwsbericht?newsitemid=4718100480

https://www.nza.nl/actueel/algemene-en-zorgspecifieke-vragen-Coronavirus

https://www.verenso.nl/nieuws/archief/2019/nieuwe-beleidsregel-vergoeding-brmo-uitbraak

Deel deze post: